TSK

TSK · Job 31:35

Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.

Terug naar de passage
Job 13:3 TSK

Maar ik zal tot den Almachtige spreken, en ben belust mij te verdedigen voor God.

Job 13:21 TSK

Doe Uw hand verre van op mij, en Uw verschrikking make mij niet verbaasd.

Job 13:24 TSK

Waarom verbergt Gij Uw aangezicht, en houdt mij voor Uw vijand?

Job 19:7 TSK

Ziet, ik roep, geweld! doch word niet verhoord; ik schreeuw, doch er is geen recht.

Job 19:23 TSK

Och, of nu mijn woorden toch opgeschreven wierden. Och, of zij in een boek ook wierden ingetekend!

Job 27:7 TSK

Mijn vijand zij als de goddeloze, en die zich tegen mij opmaakt, als de verkeerde.

Job 33:6 TSK

Zie, ik ben Godes, gelijk gij; uit het leem ben ik ook afgesneden.

Job 35:14 TSK

Dat gij ook gezegd hebt: Gij zult Hem niet aanschouwen; er is nochtans gericht voor Zijn aangezicht, wacht gij dan op Hem.

Job 40:4 TSK

Hebt gij een arm gelijk God? En kunt gij, gelijk Hij, met de stem donderen?

Weest haastelijk welgezind jegens uw wederpartij, terwijl gij nog met hem op den weg zijt; opdat de wederpartij niet misschien u den rechter overlevere, en de rechter u den dienaar overlevere, en gij in de gevangenis geworpen wordt.