Zo gingen Mozes en Aaron tot Farao, en zeiden tot hem: Zo zegt de HEERE, de God der Hebreen: Hoe lang weigert gij u voor Mijn aangezicht te verootmoedigen? Laat Mijn volk trekken, dat zij Mij dienen.
TSK
TSK · Spreuken 1:22
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
Hoe lang zal Ik bij deze boze vergadering zijn, die tegen Mij zijn murmurerende? Ik heb gehoord de murmureringen van de kinderen Israels, waarmede zij tegen Mij zijn murmurerende.
Welgelukzalig is de man, die niet wandelt in de raad der goddelozen, noch staat op den weg der zondaren, noch zit in het gestoelte der spotters;
Om den slechten kloekzinnigheid te geven, den jongeling wetenschap en bedachtzaamheid.
Daarom, dat zij de wetenschap gehaat hebben, en de vreze des HEEREN niet hebben verkoren.
En zegt: Hoe heb ik de tucht gehaat, en mijn hart de bestraffing versmaad!
En ik zag onder de slechten; ik merkte onder de jonge gezellen een verstandelozen jongeling;
Wie is slecht? Hij kere zich herwaarts! Tot de verstandeloze zegt Zij:
De spotter zoekt wijsheid, en er is gene; maar de wetenschap is voor den verstandige licht.
Gerichten zijn voor de spotters bereid, en slagen voor den rug der zotten.
Doch gaat heen en leert, wat het zij: Ik wil barmhartigheid, en niet offerande; want Ik ben niet gekomen om te roepen rechtvaardigen, maar zondaars tot bekering.
En Jezus, antwoordende, zeide: O, ongelovig en verkeerd geslacht, hoe lang zal Ik nog met ulieden zijn, hoe lang zal Ik u nog verdragen? Brengt hem Mij hier.
Zeggende: Och, of gij ook bekendet, ook nog in dezen uw dag, hetgeen tot uw vrede dient! Maar nu is het verborgen voor uw ogen.
Dit eerst wetende, dat in het laatste der dagen spotters komen zullen, die naar hun eigen begeerlijkheden zullen wandelen,