En zijn vader had hem niet bedroefd van zijn dagen, zeggende: Waarom hebt gij alzo gedaan? En ook was hij zeer schoon van gedaante, en Haggith had hem gebaard na Absalom.
TSK
TSK · Spreuken 29:15
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
1 Koningen 1:6
TSK
Spreuken 10:5
TSK
Die in den zomer vergadert, is een verstandig zoon; maar die in den oogst vast slaapt, is een zoon die beschaamd maakt.
Spreuken 17:21
TSK
Wie een zot genereert, die zal hem tot droefheid zijn; en de vader des dwazen zal zich niet verblijden.
Spreuken 22:6
TSK
Leer den jongen de eerste beginselen naar den eis zijns wegs; als hij ook oud zal geworden zijn, zal hij daarvan niet afwijken.
Spreuken 23:13
TSK
Weer de tucht van den jongen niet; als gij hem met de roede zult slaan, zal hij niet sterven.
Spreuken 29:21
TSK
Als men zijn knecht van jongs op weeldig houdt, hij zal in zijn laatste een zoon willen zijn.