Maar hij zal voor zich de paarden niet vermenigvuldigen, en het volk niet doen wederkeren naar Egypte, om paarden te vermenigvuldigen; terwijl de HEERE ulieden gezegd heeft: Gij zult voortaan niet wederkeren door dezen weg.
TSK
TSK · 1 Kronieken 18:4
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
Jozua 11:9
TSK
Jozua nu deed hun, gelijk hem de HEERE gezegd had; hun paarden verlamde hij, en hun wagenen verbrandde hij met vuur.
1 Koningen 4:2
TSK
En deze waren de vorsten, die hij had: Azaria, de zoon van Zadok, was opperambtman.
Psalmen 20:7
TSK
Alsnu weet ik, dat de HEERE Zijn Gezalfde behoudt; Hij zal Hem verhoren uit den hemel Zijner heiligheid; het heil Zijner rechterhand zal zijn met mogendheden.