En hij zegende hem, en zeide: Gezegend zij Abram Gode, de Allerhoogste, Die hemel en aarde bezit!
TSK
TSK · Genesis 47:10
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
Genesis 14:19
TSK
Numberi 6:23
TSK
Spreek tot Aaron en zijn zonen, zeggende: Alzo zult gijlieden de kinderen Israels zegenen, zeggende tot hen:
Jozua 14:13
TSK
Toen zegende hem Jozua, en hij gaf Kaleb, den zoon van Jefunne, Hebron ten erfdeel.
2 Samuël 8:10
TSK
Zo zond Thoi zijn zoon Joram tot den koning David, om hem te vragen naar zijn welstand, en om hem te zegenen, vanwege dat hij tegen Hadad-ezer gekrijgd en hem geslagen had, (want Hadad-ezer voerde steeds krijg tegen Thoi); en in zijn hand waren zilveren vaten, en gouden vaten, en koperen vaten;
Psalmen 119:46
TSK
Ook zal ik voor koningen spreken van Uw getuigenissen, en mij niet schamen.
Hebreeën 7:7
TSK
Nu, zonder enig tegenspreken, hetgeen minder is, wordt gezegend van hetgeen meerder is.