Het zal dan geschieden, als u de HEERE, uw God, rust zal gegeven hebben, van al uw vijanden rondom, in het land, dat u de HEERE, uw God, ten erve geven zal, om hetzelve erfelijk te bezitten, dat gij de gedachtenis van Amalek van onder den hemel zult uitdelgen; vergeet het niet!
TSK
TSK · Hebreeën 4:8
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
Jozua 22:4
TSK
En nu, de HEERE, uw God, heeft uw broederen rust gegeven, gelijk Hij hun toegezegd had; keert dan nu wederom, en gaat gij naar uw tenten, naar het land uwer bezitting, hetwelk u Mozes, de knecht des HEEREN, gegeven heeft op gene zijde van de Jordaan.
1 Kronieken 7:27
TSK
Zijn zoon was Non; zijn zoon Jozua.
Psalmen 105:44
TSK
En Hij gaf hun de landen der heidenen, zodat zij in erfenis bezaten den arbeid der volken;
Hebreeën 11:13
TSK
Deze allen zijn in het geloof gestorven, de beloften niet verkregen hebbende, maar hebben dezelve van verre gezien, en geloofd, en omhelsd, en hebben beleden, dat zij gasten en vreemdelingen op de aarde waren.