Ik ga zwart daarheen, niet van de zon; opstaande schreeuw ik in de gemeente.
TSK
TSK · Jesaja 59:11
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
Want mijn darmen zijn vol van een verachtelijke plage, en er is niets geheels in mijn vlees.
Die kwade praktijken najagen, genaken mij, zij wijken verre van Uw wet.
Gelijk een kraan of zwaluw, alzo piepte ik; ik kirde als een duif; mijn ogen verhieven zich omhoog; o HEERE! ik word onderdrukt, wees Gij mijn Borg.
Daarom is het recht verre van ons, en de gerechtigheid achterhaalt ons niet; wij wachten op het licht, maar ziet, er is duisternis, op een groten glans, maar wij wandelen in donkerheden.
Och, dat mijn hoofd water ware, en mijn oog een springader van tranen! zo zou ik dag en nacht bewenen de verslagenen van de dochter mijns volks.
Zij roepen ook niet tot Mij met hun hart, wanneer zij huilen op hun legers; om koren en most verzamelen zij zich, maar zij wederstreven tegen Mij.