Doch Asa werd toornig tegen den ziener, en leidde hem in het gevangenhuis; want hij was hierover tegen hem ontsteld; daartoe onderdrukte Asa enigen uit het volk ter zelfder tijd.
TSK
TSK · Job 33:19
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
Zie, gelukzalig is de mens, denwelken God straft; daarom verwerp de kastijding des Almachtigen niet.
Zijn beenderen zullen vol van zijn verborgene zonden zijn; van welke elkeen met hem op het stof nederliggen zal.
Des nachts doorboort Hij mijn beenderen in mij, en mijn polsaderen rusten niet.
Er is niets geheels in mijn vlees, vanwege Uw gramschap; er is geen vrede in mijn beenderen, vanwege mijn zonde.
Eer ik verdrukt werd, dwaalde ik, maar nu onderhoud ik Uw woord.
Want een ieder voornemen heeft tijd en wijze, dewijl het kwaad des mensen veel is over hem.
Hebben de goden der volken die mijn vaders verdorven hebben, dezelven gered, als Gozan, en Haran, en Rezef, en de kinderen van Eden, die in Telasser waren?
Zo wie Ik liefheb, die bestraf en kastijd Ik; wees dan ijverig, en bekeer u.