En hij noemde den naam dier plaats Beth-El; daar toch de naam dier stad te voren was Luz.
TSK
TSK · Jozua 7:2
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
Genesis 28:19
TSK
Jozua 12:9
TSK
De koning van Jericho, een; de koning van Ai, die ter zijde van Beth-El is, een;
1 Samuël 13:5
TSK
En de Filistijnen werden verzameld om te strijden tegen Israel, dertig duizend wagens, en zes duizend ruiters, en volk in menigte als het zand, dat aan den oever der zee is; en zij togen op, en legerden zich te Michmas, tegen het oosten van Beth-Aven.
1 Koningen 12:29
TSK
En hij zette het ene te Beth-El, en het andere stelde hij te Dan.
Spreuken 20:18
TSK
Elke gedachte wordt door raad bevestigd, daarom voer oorlog met wijze raadslagen.
Jesaja 10:28
TSK
Hij komt te Ajath, hij trekt door Migron; te Michmas legt hij zijn gereedschap af.
Mattheüs 10:16
TSK
Ziet, Ik zend u als schapen in het midden der wolven; zijt dan voorzichtig gelijk de slangen, en oprecht gelijk de duiven.