Genesis 9:25
TSK
En hij zeide: Vervloekt zij Kanaan; een knecht der knechten zij hij zijn broederen!
TSK
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
En hij zeide: Vervloekt zij Kanaan; een knecht der knechten zij hij zijn broederen!
Evenwel niets, dat verbannen is, dat iemand den HEERE zal verbannen hebben, van al hetgeen hij heeft, van een mens, of van een beest, of van den akker zijner bezitting, zal verkocht noch gelost worden; al wat verbannen is, zal den HEERE een heiligheid der heiligheden zijn.
Alzo gaf Jozua hen over ten zelven dage tot houthouwers en waterputters der vergadering, en dat tot het altaar des HEEREN, tot dezen dag toe, aan de plaats, die Hij verkiezen zoude.