Maar hun altaren zult gijlieden omwerpen, en hun opgerichte beelden zult gij verbreken, en hun bossen zult gij afhouwen.
TSK
TSK · Richtere 6:25
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
Exodus 34:13
TSK
Richtere 3:7
TSK
En de kinderen Israels deden, dat kwaad was in de ogen des HEEREN, en vergaten den HEERE, hun God, en zij dienden de Baals en de bossen.
Job 22:23
TSK
Zo gij u bekeert tot den Almachtige, gij zult gebouwd worden; doe het onrecht verre van uw tenten.
Mattheüs 6:24
TSK
Niemand kan twee heren dienen; want of hij zal den enen haten en den anderen liefhebben, of hij zal den enen aanhangen en den anderen verachten; gij kunt niet God dienen en den Mammon.
Handelingen 4:19
TSK
Maar Petrus en Johannes, antwoordende, zeiden tot hen: Oordeelt gij, of het recht is voor God, ulieden meer te horen dan God.
En wat samenstemming heeft Christus met Belial, of wat deel heeft de gelovige met den ongelovige?