En hij zeide: Vervloekt zij Kanaan; een knecht der knechten zij hij zijn broederen!
TSK
TSK · Klaagliederen 5:8
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
Genesis 9:25
TSK
Nehemia 2:19
TSK
Als nu Sanballat, de Horoniet, en Tobia, de Ammonietische knecht, en Gesem, de Arabier, dit hoorden, zo bespotten zij ons, en verachtten ons; en zij zeiden: Wat is dit voor een ding, dat gijlieden doet? Wilt gijlieden tegen den koning rebelleren?
Job 5:4
TSK
Verre waren zijn zonen van heil; en zij werden verbrijzeld in de poort, en er was geen verlosser.
Psalmen 7:2
TSK
HEERE, mijn God, op U betrouw ik; verlos mij van al mijn vervolgers, en red mij.
Spreuken 30:22
TSK
Om een knecht, als hij regeert; en een dwaas, als hij van brood verzadigd is;
Hosea 2:10
TSK
En Ik zal doen ophouden al haar vrolijkheid, haar feesten, haar nieuwe maanden, en haar sabbatten, ja, al haar gezette hoogtijden.