De HEERE doodt en maakt levend; Hij doet ter helle nederdalen, en Hij doet weder opkomen.
TSK
TSK · Psalmen 30:4
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
Een psalm van David. Tot U roep ik, HEERE! mijn Rotssteen, houd U niet als doof van mij af; opdat ik niet, zo Gij U van mij stil houdt, vergeleken worde met degenen, die in den kuil nederdalen.
Verzamelt Mij Mijn gunstgenoten, die Mijn verbond maken met offerande!
Gij rechtvaardigen! verblijdt u in den HEERE, en spreekt lof ter gedachtenis Zijner heiligheid.
Hij zond Zijn woord uit, en heelde hen, en rukte hen uit hun kuilen.
Gij huis Israels! looft den HEERE; gij huis Aarons! looft den HEERE.
En de een riep tot den ander, en zeide: Heilig, heilig, heilig is de HEERE der heirscharen! De ganse aarde is van Zijn heerlijkheid vol!
En een stem kwam uit den troon, zeggende: Looft onzen God, gij al Zijn dienstknechten, en gij, die Hem vreest, beiden klein en groot!