TSK

TSK · Job 27:9

مراجع Treasury of Scripture Knowledge في Stve.

العودة إلى المقطع
Job 35:12 TSK

Daar roepen zij; maar Hij antwoordt niet, vanwege den hoogmoed der bozen.

Zij riepen, maar er was geen verlosser; tot den HEERE, maar Hij antwoordde hun niet.

Als hij gericht wordt, zo ga hij schuldig uit, en zijn gebed zij tot zonde.

Die zijn oor afwendt van de wet te horen, diens gebed zelfs zal een gruwel zijn.

Daarom zegt de HEERE alzo: Ziet, Ik zal een kwaad over hen brengen, uit hetwelk zij niet zullen kunnen uitkomen; als zij dan tot Mij zullen roepen, zal Ik naar hen niet horen.

Daarom zal Ik ook handelen in grimmigheid, Mijn oog zal niet verschonen, en Ik zal niet sparen; hoewel zij voor Mijn oren met luider stem roepen, nochtans zal Ik hen niet horen.

Micha 3:4 TSK

Alsdan zullen zij roepen tot den HEERE, doch Hij zal hen niet verhoren; maar zal Zijn aangezicht te dier tijd voor hen verbergen, gelijk als zij hun handelingen kwaad gemaakt hebben.

Namelijk nadat de Heer des huizes zal opgestaan zijn, en de deur zal gesloten hebben, en gij zult beginnen buiten te staan, en aan de deur te kloppen, zeggende: Heere, Heere, doe ons open! en Hij zal antwoorden en tot u zeggen: Ik ken u niet, van waar gij zijt.

Gij bidt, en gij ontvangt niet, omdat gij kwalijk bidt, opdat gij het in uw wellusten doorbrengen zoudt.