TSK

TSK · Spreuken 14:20

مراجع Treasury of Scripture Knowledge في Stve.

العودة إلى المقطع

En al de knechten des konings, die in de poort des konings waren, neigden en bogen zich neder voor Haman; want de koning had alzo van hem bevolen; maar Mordechai neigde zich niet, en boog zich niet neder.

Job 6:21 TSK

Voorwaar, alzo zijt gijlieden mij nu niets geworden; gij hebt gezien de ontzetting, en gij hebt gevreesd.

Job 30:10 TSK

Zij hebben een gruwel aan mij, zij maken zich verre van mij, ja, zij onthouden het speeksel niet van mijn aangezicht.

Des rijken goed is een stad zijner sterkte; de armoede der geringen is hun verstoring.

Velen smeken het aangezicht des prinsen; en een ieder is een vriend desgenen, die giften geeft.