TSK

TSK · Hebreeën 2:6

Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.

Back to passage
Job 7:17 TSK

Wat is de mens, dat Gij hem groot acht, en dat Gij Uw hart op hem zet?

Job 25:6 TSK

Hoeveel te min de mens, die een made is, en des mensen kind, die een worm is!

O HEERE! wat is de mens, dat Gij hem kent, het kind des mensen, dat Gij het acht?

Alle volken zijn als niets voor Hem; en zij worden bij Hem geacht minder dan niet, en ijdelheid.

Geloofd zij de Heere, de God Israels, want Hij heeft bezocht, en verlossing te weeg gebracht Zijn volke;

En vreze beving hen allen, en zij verheerlijkten God, zeggende: Een groot Profeet is onder ons opgestaan, en God heeft Zijn volk bezocht.

Gelijk Hij ook in een andere plaats zegt: Gij zijt Priester in der eeuwigheid, naar de ordening van Melchizedek.