David nu was de zoon van den Efrathischen man van Bethlehem-Juda, wiens naam was Isai, en die acht zonen had, en in de dagen van Saul was hij een man, oud, afgaande onder de mannen.
TSK
TSK · 1 Samuël 16:11
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
1 Samuël 17:12
TSK
1 Samuël 17:28
TSK
Als Eliab, zijn grootste broeder, hem tot die mannen hoorde spreken, zo ontstak de toorn van Eliab tegen David, en hij zeide: Waarom zijt gij nu afgekomen, en onder wien hebt gij de weinige schapen in de woestijn gelaten? Ik ken uw vermetelheid, en de boosheid uws harten wel; want gij zijt afgekomen, opdat gij den strijd zaagt.
2 Samuël 13:3
TSK
Doch Amnon had een vriend, wiens naam was Jonadab, een zoon van Simea, Davids broeder; en Jonadab was een zeer wijs man.
Psalmen 78:70
TSK
En Hij verkoos Zijn knecht David, en nam hem van de schaapskooien;