En Hij zeide: Laat Mij gaan, want de dageraad is opgegaan. Maar hij zeide: Ik zal U niet laten gaan, tenzij dat Gij mij zegent.
TSK
TSK · Lukas 18:39
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
Genesis 32:26
TSK
Jeremia 29:12
TSK
Dan zult gij Mij aanroepen, en henengaan, en tot Mij bidden; en Ik zal naar u horen.
Mattheüs 26:40
TSK
En Hij kwam tot de discipelen en vond hen slapende, en zeide tot Petrus: Kunt gij dan niet een uur met Mij waken?
Lukas 11:8
TSK
Ik zeg ulieden: Hoewel hij niet zou opstaan en hem geven, omdat hij zijn vriend is, nochtans om zijner onbeschaamdheid wil, zal hij opstaan, en hem geven zoveel als hij er behoeft.
Lukas 18:1
TSK
En Hij zeide ook een gelijkenis tot hen, daartoe strekkende, dat men altijd bidden moet, en niet vertragen;
Lukas 18:38
TSK
En hij riep, zeggende: Jezus, Gij Zone Davids, ontferm U mijner!
Hierover heb ik den Heere driemaal gebeden, opdat hij van mij zou wijken.