Nu komt dan, en laat ons hem doodslaan, en hem in een dezer kuilen werpen; en wij zullen zeggen: een boos dier heeft hem opgegeten; zo zullen wij zien, wat van zijn dromen worden zal.
TSK
TSK · Spreuken 1:10
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
Genesis 37:20
TSK
Zo zult gij hem niet ter wille zijn, en naar hem niet horen; ook zal uw oog hem niet verschonen, en gij zult u niet ontfermen, noch hem verbergen;
Psalmen 1:1
TSK
Welgelukzalig is de man, die niet wandelt in de raad der goddelozen, noch staat op den weg der zondaren, noch zit in het gestoelte der spotters;
Spreuken 7:21
TSK
Zij bewoog hem door de veelheid van haar onderricht, zij dreef hem aan door het gevlei harer lippen.
Spreuken 16:29
TSK
Een man des gewelds verlokt zijn naaste, en hij leidt hem in een weg, die niet goed is.
Spreuken 24:2
TSK
Want hun hart bedenkt verwoesting, en hun lippen spreken moeite.
Romeinen 16:18
TSK
Want dezulken dienen onzen Heere Jezus Christus niet, maar hun buik; en verleiden door schoonspreken en prijzen de harten der eenvoudigen.