En zet tegenover hem twee mannen, zonen Belials, die tegen hem getuigen, zeggende: Gij hebt God en den koning gezegend; en voert hem uit, en stenigt hem, dat hij sterve.
TSK
TSK · Spreuken 19:28
Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.
1 Koningen 21:10
TSK
Job 15:16
TSK
Hoeveel te meer is een man gruwelijk en stinkende, die het onrecht indrinkt als water?
Job 34:7
TSK
Wat man is er, gelijk Job? Hij drinkt de bespotting in als water;
Psalmen 10:11
TSK
Hij zegt in zijn hart: God heeft het vergeten, Hij heeft Zijn aangezicht verborgen, Hij ziet niet in eeuwigheid.
Spreuken 16:27
TSK
Een Belialsman graaft kwaad; en op zijn lippen is als brandend vuur.
Hosea 4:8
TSK
Zij eten de zonde Mijns volks, en verlangen, een ieder met zijn ziel, naar hun ongerechtigheid.
Handelingen 6:11
TSK
Toen maakten zij mannen uit, die zeiden: Wij hebben hem horen spreken lasterlijke woorden tegen Mozes en God.