TSK

TSK · Spreuken 16:22

Treasury of Scripture Knowledge references in Stve.

Back to passage

De mond des rechtvaardigen is een springader des levens; maar het geweld bedekt den mond der goddelozen.

De vreze des HEEREN is een springader des levens, om af te wijken van de strikken des doods.

Het hart des rechtvaardigen bedenkt zich, om te antwoorden; maar de mond der goddelozen zal overvloediglijk kwade dingen uitstorten.

De mond des zots is hemzelven een verstoring, en zijn lippen een strik zijner ziel.

Wee u, gij blinde leidslieden, die zegt: Zo wie gezworen zal hebben bij den tempel, dat is niets; maar zo wie gezworen zal hebben bij het goud des tempels, die is schuldig.

Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Die Mijn woord hoort, en gelooft Hem, Die Mij gezonden heeft, die heeft het eeuwige leven, en komt niet in de verdoemenis, maar is uit den dood overgegaan in het leven.

Simon Petrus dan antwoordde Hem: Heere, tot Wien zullen wij heengaan? Gij hebt de woorden des eeuwigen levens.