Maar zij vielen op hun aangezichten, en zeiden: O God! God der geesten van alle vlees! een enig man zal gezondigd hebben, en zult Gij U over deze ganse vergadering grotelijks vertoornen?
TSK
TSK · Handelingen 17:25
مراجع Treasury of Scripture Knowledge في Stve.
In Wiens hand de ziel is van al wat leeft, en de geest van alle vlees des mensen.
Zo lang als mijn adem in mij zal zijn, en het geblaas Gods in mijn neus;
Indien Hij Zijn hart tegen hem zette, zijn geest en zijn adem zou Hij tot Zich vergaderen;
O mijn ziel! gij hebt tot den HEERE gezegd: Gij zijt de HEERE, mijn goedheid raakt niet tot U;
Zij allen wachten op U, dat Gij hun hun spijze geeft te zijner tijd.
Want Ik zal niet eeuwiglijk twisten, en Ik zal niet geduriglijk verbolgen zijn; want de geest zou van voor Mijn aangezicht overstelpt worden, en de zielen, die Ik gemaakt heb.
Ik haat, Ik versmaad uw feesten, en Ik mag uw verbods dagen niet rieken.
Opdat gij moogt kinderen zijn uws Vaders, Die in de hemelen is; want Hij doet Zijn zon opgaan over bozen en goeden, en regent over rechtvaardigen en onrechtvaardigen.
Hoewel Hij nochtans Zichzelven niet onbetuigd gelaten heeft, goed doende van den hemel, ons regen en vruchtbare tijden gevende, vervullende onze harten met spijs en vrolijkheid.
Of wie heeft Hem eerst gegeven, en het zal hem wedervergolden worden?