TSK

TSK · Psalmen 142:3

مراجع Treasury of Scripture Knowledge في Stve.

العودة إلى المقطع

Want de HEERE kent den weg der rechtvaardigen; maar de weg der goddelozen zal vergaan.

Zij hebben hun mond tegen mij opgesperd, als een verscheurende en brullende leeuw.

Want zij hebben zonder oorzaak de groeve van hun net voor mij verborgen; zij hebben zonder oorzaak gegraven voor mijn ziel.

O God! hoor mijn geschrei, merk op mijn gebed.

Ten dage mijner benauwdheid zocht ik den HEERE; mijn hand was des nachts uitgestrekt, en liet niet af; mijn ziel weigerde getroost te worden.

Want mijn dagen zijn vergaan als rook, en mijn gebeenten zijn uitgebrand als een haard.

Bewaar mij, HEERE! van de handen des goddelozen; behoed mij van den man alles gewelds; van hen, die mijn voeten denken weg te stoten.

Daarom wordt mijn geest overstelpt in mij, mijn hart is verbaasd in het midden van mij.

Koph. Maak u op, maak geschrei des nachts in het begin der nachtwaken, stort uw hart uit voor het aangezicht des Heeren als water; hef uw handen tot Hem op voor de ziel uwer kinderkens, die in onmacht gevallen zijn van honger, vooraan op alle straten.

En Hij nam met Zich Petrus, en Jakobus, en Johannes, en begon verbaasd en zeer beangst te worden;